|
Blinde man – D. Rosseels
De rector had ons voor het laatst op de hem eigen plechtige en beschermende toon toegesproken. We hadden de handen gedrukt van al de leraren en hun gelukwensen aanvaard. We hadden vergeten de meest gehate onder hen daarbij tegen de schenen te stampen als vergelding voor vele jaren verdrukking. We hadden onze gloednieuwe diploma’s op zak, we waren bevrijd van examenvrees en schooldwang, we waren verzoend mete alles en iedereen, we waren overmoedig en zeer zelfbewust. We voelden ons hele heren, hadden als zodanig bier gedronken. We hadden luid en zegezeker onze toekomstplannen ontsluierd. Toen waren we, de een voor, de ander na, stilletjes afgedropen. Duizelig en moe, haastte ik mij naar mijn kamer en naar bed. De volgende dag leek het grotemensenleven me angstig en reeel en dichtbij. Zolang ik tot de studerende jeugd behoorde, had het eindexamen een mijlpaal geschenen; wat daarna kwam was daarbij vergeleken een peulschilletje. Als ik het eindexamen goed en wel achter de rug had, ‘ging ik een baan zoeken’. Dat was finaals, verder hoefde je niet vooruit te zien. Maar nu was het eindexamen achter de rug en ik besefte nog niet goed hoe ik het baan-zoeken aan moest pakken...
163 pag.
Pocket
Bibliotheekboek lichtjes vergeeld
1964 Heideland Hasselt
|