|
Wat is bouwrecht, welke stof is daartoe te rekenen? Ook schrijver dezes moest zich die vraag stellen, toen hij zich er toe zette er een boek over te schrijven. Eerst toen hij zijn geschrift nagenoeg voltooid had en hij zichzelf die vraag nog eens voorlegde, was het hem mogelijk het antwoord te geven. En het is dan nog de vraag of dit antwoord juist is. Het bouwrecht is een massa van zeer heterogene samenstelling. Men moet her- en derwaarts trekken in het grote gebied van recht en wet om iets te vinden voor zijn verzameling. Zijn arbeid gelijkt op die van de primitieve goudzoeker. Zijn onderzoek voltrekt zich zonder dat er enig systeem in te bekennen is en in hetgeen hij gevonden en verzameld heeft, is het enige systeem: dat elk van de stukken op het bouwen betrekking heeft. Veelal gaan de gedachten in de eerste plaats uit naar het Burgerlijk Wetboek als er over bouwrecht wordt gesproken: in het bijzonder naar de bepalingen omtrent de overeenkomst tot aanneming van werk. Maar ook het tweede boek van het Burgerlijk Wetboek, het deel dat het zakenrecht tot onderwerp heeft, bevat vele bepalingen waarmee de bouwer of aspirantbouwer rekening heeft te houden. Aldus de bepalingen van het burenrecht en de titel die zich bezig houdt met de servituten. Deze voorschriften betreffen niet de hoedanigheden van het bouwwerk, maar wel de rechten van anderen, voornamelijk die van de buren. En mogelijk is de bouwer of diens opdrachtgever de gelukkige eigenaar van een heersend erf. Bovendien bevat ons BW nog een rechtsregel die de eigenaar aansprakelijk stelt voor de schade, veroorzaakt door het instorten van een gebouw. Deze rechtsregel is te vinden onder de bepalingen betreffende verplichtingen die uit kracht van de wet worden geboren, en draagt als artikel het nummer 1405.....
360 pag.
Harde kaft ingebonden
1966 Scheltema & Holkema N.V. Amsterdam
|