|
Detectiveromans zijn er bij duizenden, maar de speurdersverhalen die u van begin tot eind in de greep van de spanning houden, zijn schaars. Dit is er een; een uitstekend geschreven avonturenroman, die u dadelijk pakt en u niet meer loslaat voor u met een zucht van genoegen in het laatste hoofdstuk de oplossing van het raadsel hebt gelezen en meebeleefd.
De personen in dit boek zijn geen papieren figuren, waarmee de schrijver een listig spelletje speelt; hij tekent ze bij alle vlotheid, die een verhaal als dit nodig heeft tussen de gebeurtenissen door met enkele lijnen zo duidelijk, dat u ook de mens in hem ziet. Dat heeft een goede detectiveroman nodig, want daardoor komt er pas de echte spanning in. Het mysterie van de telefooncel geeft u die spanning volop. Het sensationele begin van het verhaal is een vondst.
De stiefvader van Frances Brandon is vermoord en het meisje vreest dat de politie haar van deze moord zal verdenken. Als Peter Craven, de aan lager wal geraakte hoofdpersoon, toevallig ontdekt wat er aan de hand is, brengt hij het slachtoffer naar een telefooncel in een stille wijk in Londen om dan de volgende dag te ontdekken dat die stiefvader weer precies zo in zijn studeerkamer achter zijn bureau zit, als het meisje hem de vorige dag had gevonden. Dan zijn de verwikkelingen en avonturen niet van de lucht.
256 pag.
Rode-Groep Pocket Reeks nr. 71
Uitgave Succes Den Haag
|