|
In den beginne was er chaos, woest en ledig, en duisternis lag op de vloed. Toen zagen IMS en Codasyl het licht. IMS, een hierarchische databank van IBM, kwam in 1968 tot stand als een bijprodukt van het Apollo-project. Het Comitee on Data Systems and Languages produceerde in de periode 1969-71 een specificatie voor een netwerkdatabank. Uitgaande hiervan werden een aantal succesvolle databanksystemen geraliseerd.
De informatiecawereld keek toe en zag dat het goed was.
Toen kwam er een spelbreker: Ted Codd. Hij introduceerde het relationele model, en hij bracht de poppen aan het dansen.
Stel je jezelf eens voor als adviseur in een ver, duister verleden. Je bent gespecialiseerd in rekenkundige bewerkingen: De Romeinse cijfers, je dagelijks werkinstrument, houden voor jou geen geheime meer in. Je verdient een flinke stuiver wanneer de kasteelheer MMCMLXX pijlen heeft laten maken voor zijn CXC boogschutters, en jou ter hulp roept om diep pijlen gelijk te verdelen. Het juiste antwoord, dat je een halve dag werk kost en waarvoor je CCXX dukaten mag aanrekenen, is natuurlijk dat elke boogschutter XV pijlen krijgt, en dat jij de resterende CXX pijlen in je eigen koker steekt, wat je nog eens XL dukaten oplevert.
Op een goede dag komt een nieuwlichter aan je kasteelheer een verhaal vertellen over die nieuwe, fantastische, Arabische cijfers. Wat is je reactie? Vanzelfsprekend ontken je hardnekkig dat de Romeinse cijfers al meer dan duizend jaar hun nut bewijzen, je stelt voor dat die Arabier terugkeert naar zijn woestijn, waarin hij thuishoort, en je verdiept je verder in een pas verkregen stel kleitabletten over het sexagesimale Babylonische talstelsel. Maar de evolutie staat niet stil, en geleidleijk vinden de Arabische cijvers ingang; Na enkele successen van een concurrent voel je je verplicht te erkennen dat de Arabische cijvers hun nut kunnen hebben, zij het dan alleen in een aantal specifieke gevallen. Ondertussen gaat je zaak flink achteruit en dalen je inkomsten zienderogen. Noodgedwongen leer je ook met Arabische cijfers werken en twee maanden later verkondig je aan al wie het horen wil hoe fantastisch die cijfers wel zijn, hoe sterk je daar altijd in geloofd hebt en hoe dwaas de anderen waren om dat niet in te zien.
Zo verging het ook het relationele model. In de jaren 1970-74 verhief Codd de stem van de roepende in de woestijn. In 1975 werd hier en daar al verkondigd dat Codasyl-databanken onnodig complex zijn en een aantal tekortkomingen hebben. In 1976 waren specialisten nog van mening dat Codasyl-databanken en relationele databanken naast elkaar zouden blijven bestaan, elk met hun eigen toepassingsgebied. Thans is het duidelijk dat de dagen van de niet-relationele databanken geteld zijn.
118 pag.
Paperback
Zeer goede staat
ISBN 90 267 1215 4
1987 Uitgeverij Kluwer Bedrijfswetenschappelijke Uitgaven
|