|
De Cubaanse noen kreunt zijn hittekoor. Nog enkele minuten en de scheepsbel voor ons laatste eetmaal op de rede van Havana zal deze obsederende kwelling stuk slaan. Languit lig ik te soezen met onder mijn oogleden witte flitsen: blanke en blinde stukken stadsmuur; witte tanden in een rode mond; vlekkeloze mariposa-bloemen in blauwzwart haar; glimmende palmblaren; wemelende gestalten in helle kledij onder zwarte en sigaarbruine gezichten. Dit is het eindbeeld dat ik van het eiland meedraag. Vanmorgen de laatste boodschappen gedaan en de kapitein met de vrienden in een bazar verloren. Ze zijn nog niet terug aan boord. In verbeelding zie ik ze schuiven langs de schaduwmuren van de smalle straten. Een enkel reepje van mijn dampend lichaam voelt fris aan: mijn hals, rustend op een gladde fles, die ik een half uur geleden in de pantry gevuld heb met ijswater...
263 pag.
Harde kaft ingebonden
Kaft lichtjes los
1954 Ontwikkeling Antwerpen
|